"Pruimen zijn niet allemaal tegelijk rijp. Als je ze langs het pad zet waar
je elke dag langskomt, kun je er telkens een paar plukken. Bij peren moet je rekening
houden met de wind, want daar is de perenboom nogal gevoelig voor. En neem vooral
oude fruitrassen. Zet er geen nieuwe appels als Elstar of Jonagold tussen, maar
neem een Brabantse Bellefleur of een Jasappel."
Het gehoor hoort ademloos
hoogstam-specialist Bernard Witteveen aan, die in de tuin van de Heerlijkheid
Mariënwaerdt vertelt over de verzorging van oude Betuwse fruitbomen.
Op het landgoed, tussen Beesd en Geldermalsen, werd gisteren een symposium
gehouden over de toekomst van de hoogstamfruitboom in de Betuwe. Eens domineerden
fruitbomen met flinke stammen het landschap in het rivierengebied. De Betuwse
boerderij aan de dijk, met majestueuze bloeiende fruitbomen, was een beeld dat
jaarlijks hele volksstammen in het voorjaar naar het land tussen de grote rivieren
trok.
Na de Tweede Wereldoorlog werd het hoogstamfruit echter steeds meer verdrongen
door laagstambomen, die een hogere opbrengst bieden en gemakkelijker te oogsten
zijn, maar een stuk minder romantisch ogen. De Betuwe telt nu nog 400 hectare
hoogstamfruit. Om te voorkomen dat de oer-Nederlandse bomen helemaal uit het landschap
verdwijnen, bracht de Koninklijke Nederlandse Heidemaatschappij een aantal partijen
samen op de Heerlijkheid Mariënwaerdt. Hier werd gisteren uit de doeken gedaan
hoe hoogstamfruitbomen op een rendabele manier kunnen worden beheerd. De telers
zijn creatief. Zij verkopen biologisch appelsap of hebben een bomenleaseplan.
De les van specialist Witteveen wit haar, wit baardje vormde het praktijkgedeelte
van het symposium. "Hij is onze goeroe", zegt Ria Beckers uit Wadenoijen.
De oud-politica is samen met haar man Karel eigenaar van 3½ ha. hoogstamfruitbomen.
Het echtpaar Beckers stond aan de wieg van het Landschapsbedrijf Hoogstamfruit
Rivierenland. |
"Wij
merkten dat er ontzettend veel fruit onder de bomen bleef liggen. We wisten niet
wat we ermee aan moesten", aldus Beckers. "Toen zijn we het zelf gaan plukken
en verwerken. Het mooie fruit werd zo verkocht, van de rest werd sap gemaakt."
Wie een boom adopteert, wordt jaarlijks uitgenodigd voor een bloesem-picknick
en een oogstfeest, en gaat dan uiteraard beladen met appels van de eigen boom
naar huis. "We zijn twee jaar geleden begonnen", aldus Van Lynden. "Er
zijn toen zeshonderd bomen geplant. We hebben nu ruim honderd donateurs. De boompjes
zijn nu ook nog klein. Het zullen er wel meer worden als ze echt vrucht gaan dragen,
over een jaar of drie."
Nog meer voorbeelden passeerden de revue. Zoals de Huissense wijk Zilverkamp,
waar buurtbewoners samen met de gemeente een oude kersenboomgaard onderhouden.
Zonder dat dat overigens kersen oplevert. "De bomen zijn zo hoog, dat je
specialisten nodig hebt om de kersen te plukken. Die zijn niet te vinden",
vertelt Huissenaar Yves Kropman.
Mede daardoor kan deze constructie bestaan. De eigenaren moeten er ook wat
geld bijleggen. Maar als wij er niet waren geweest, zou er meer geld bij moeten,
want een hoogstamboomgaard vergt intensief onderhoud."
Op een ander Betuws landgoed, de Heerlijkheid Hemmen, is een zeer eigentijds
plan bedacht om de hoogstamfruitboom te redden. Particulieren kunnen hier voor
€ 50.- per jaar een boom leasen. "Al gebruik ik liever de oude term
vruchtgebruik", aldus rentmeester Frans van Lynden van de Heerlijkheid.
Aan het eind van de middag werd het Steunpunt Hoogstamfruit officieel in werking
gesteld. Het steunpunt, dat zetelt in Tiel, gaat particuliere eigenaren met raad
en daad bijstaan. Het wijst de weg in subsidieland, maar het verzorgt ook snoeicursussen.
Want het onderhouden van een hoogstamboomgaard kost tijd en geld. Zoals een eigenaresse
van een boomgaard het uitdrukte: "Je moet in de boomgaard investeren. Onze
winst is dat de bomen behouden blijven. En als je samenwerkt met andere perceeleigenaren,
dan ontstaat er een chemie. |