Er waait een ijskoude wind door de kale bossen en dorpen rond Verdun. De kleur van de lucht spreekt boekdelen, het is definitief afgelopen met de zomer. Het oppervlak van de buiten haar oevers getreden Meuse (Maas) licht zwakjes op. Mijn schoenen zakken een paar centimeter weg in de drassige nationale begraafplaats van St. Mihiel. De grauwe klei glimt en door de aanwakkerende wind is een eenzame schreeuw van een kraai nauwelijks hoorbaar. Beneden kijk ik naar het laatste koude licht op de rivier. Een somberder aanblik kun je je niet voorstellen. De beide wereldoorlogen hebben de dorpen in Lorraine geïsoleerd. Afgesneden van hun verleden hebben ze een duistere nieuwe betekenis gekregen. In de vorm van oorlogsmonumentjes heeft elk dorp een directe toegang naar dat verleden. Deze veelal bronzen en gietijzeren soldaten zijn overwegend kleiner van schaal dan u en ik. Hierdoor lijkt het allemaal minder erg en beheersbaar, maar niets is natuurlijk minder waar. Toch heeft al dat historische geweld niet alles vernietigd. Heel veel cultureel erfgoed mag dan zijn uitgewist, triviale zaken zoals oma’s inmaakrecepten of het plaatselijke stookrecept voor Mirabelle hebben de oorlogen overleefd. Morgen is de grote dag.

Monsieur Bobbie heeft ook dit jaar weer toestemming gekregen om te mogen stoken. De officiële accijnsformulieren worden bij de bakker opgehaald en ’s avonds tegen een uur of negen, net na het diner, worden de alcoholmeters, stookjournaal, tabellenboek en de sleutel van het stooklokaal bij de burgemeester van Varnéville opgehaald. Op de boerderij van Bobbie stijgt de spanning, per slot van rekening moet monsieur Bobbie zijn naam als eervol broeder van het Mirabelle stokers genootschap waarmaken en dat valt niet mee. Door de zenuwen worden er die avond allerlei dingen vergeten. De openstaande deur naar de deel bijvoorbeeld, terwijl deze nooit mag open staan omdat Vincent, de hond, er de eigenaardige gewoonte op nahoudt de kippen dood te bijten. De lievelingskip van dochter Mathilde is niet meer. Al vroeg in de morgen gaan de hoge deuren van het stooklokaal open. |
Bobbie en z'n zoon Maurice brengen de houtblokken en de twee vaten gefermenteerde Mirabellepruimpjes, een kleine pruimensoort die tot de zelfde soort behoort als het Hollandse Kroosje, naar binnen. De oven van de antieke lambiek wordt zachtjes met houtblokken opgestookt. De hele installatie krijgt eerst een spoeling met aan de overkant van de weg getapt bronwater. Dan begint het grote werk. Binnen een mum van tijd vult de ruimte zich met de aromatische geur van de Mirabelle, alcohol en eiken. Af en toe verdwijnen vader en zoon in wolken damp en rook. Eindelijk, na vele spannende minuten. verschijnt aan het koelvattuitje de eerste druppel alcohol. Bobbies ogen fonkelen als hij de alcoholmeters, voorzichtig, een voor een wisselend, in de eau de vie, (letterlijk: levenswater), laat zakken.

Het is al pikkedonker als monsieur Bobbie met tien liter Mirabelle alcohol, officieel door de burgemeester vrijgegeven, door de keukendeur komt binnenzwaaien. En nu volgt het aller- aller leukste van de hobby van Bobbie, grapt hij: Het keuren. Die avond hebben Bobbie, z’n vrouw, z'n zoon en een illustrator, de Mirabelle geproefd en gekeurd. Het begon al wat moeilijker te worden toen het vergelijkings-materiaal uit voorgaande jaren in precies dezelfde flessen bleek te zitten als die van dit jaar. Het wonderlijke was, dat dit niemand eerder was opgevallen. Het uiterste werd van het geur- en smaakgeheugen gevergd. Uiteindelijk was iedereen het er over eens dat de Mirabelle dit jaar stukken beter was dan die van vorig jaar... of uit die andere flessen van waarschijnlijk vorig jaar. Dicht onder de boomgaarden en akkers ligt die gruwelijke geschiedenis; de granaten, het gif, de dood. Boven de aarde hangt de damp van de Mirabelle: eau de vie.
Het stooklokaal met de bron van Varnéville ligt aan de D 908 vlakbij een van de 11 imposante Amerikaanse herdenkingsmonumenten in Butte de Montsec. Alle informatie over Mirabelle op www.mirabe-de-lorraine.com.
Hans van Helden |