| Op
het lommerrijke terras van Ria en Karel Beckers in het Betuwse Wadenoyen flonkert
in de glazen de goudgele vrucht van hun nieuwe onderneming: appelsap van hoogstambomen,
gered van de ondergang. Milieuvriendelijk geteeld, biologisch verwerkt, gezond,
maar vooral lekker. Mensen die ervan proeven zeggen: het smaakt naar vroeger.
Vroeger, toen de Betuwe één en al hoogstamboomgaard was. Een eeuwenoude cultuur,
minstens daterend uit de vijftiende eeuw. Na de oorlog in rap tempo uit het boerenlandschap
verwijderd. Om plaats te maken voor het type boomgaard anno 1997: strakke rijen
lage bomen, die de teler grote voordelen bieden: het plukt een stuk sneller en
je kunt er heel wat van kwijt op je land. Dat de keus voor de consument daarmee
is versmald tot een handvol appel- en perenrassen, ach, dat is de prijs van de
vooruitgang.
Ex-politica Ria Beckers en haar man Karel, ooit min of meer bij toeval in de Betuwe
beland, hebben de eerste jaren dat ze er zaten met lede ogen de teloorgang van
de hoogstamboomgaarden aangezien zonder er iets aan te doen. Ria was druk met
haar Tweede Kamerlidmaatschap en fractievoorzitterschap van de PPR en later Groen
Links; Karel had als filosoof en docent zijn handen vol. De rest van hun tijd
ging op aan de kinderen en het opknappen van hun nu riante boerderij.
Inmiddels is Ria alweer vier jaar uit de Kamer en haar man heeft zijn carrière
na een hartinfarct moeten neerleggen. Maar het idealistische bloed bleef stromen.
Ria werd voorzitter van de stichting Natuur en Milieu en van de stichting Biologica,
de branche organisatie voor de biologische landbouw en handel, Karel stortte zich
van lieverlee op het behoud van de hoogstamcultuur samen hebben ze, met enige
gelijkgestemden, de stichting Milieu en Ondernemen opgericht, met als nieuwste
poot het project Hoogstamfruit Rivierenland.
Ria: "Eigenlijk is dat vooral Karels project, al werk ik er van harte aan
mee." Karel: "Jij bent veel te bescheiden, jij bent altijd al een voortrekker
op milieugebied geweest."
Hij zet Ria graag
en vaak in als geheim wapen, vertelt hij. Haar naam opent deuren en haar wijdvertakte
netwerk is natuurlijk niet te versmaden. Dus wordt het vruchtensap van Hoogstamfruit
Rivierenland gul geschonken op recepties van Natuur en Milieu, en is het ook geleverd
aan een Eurotop van hoge ambtenaren, bijeen op uitnodiging van het ministerie
van ontwikkelingssamenwerking. Maar ook particulieren komen op de boerderij in
Wadenoijen hun auto's vol laden, en inmiddels hebben de eerste restaurants in
de regio hun bestellingen geplaatst. Ria Beckers benadrukt dat Hoogstamfruit Rivierenland
geen zweverige bedoening is van het zoveelste ideologische clubje. In het project
grijpen verschillende zaken in elkaar, die allemaal even belangrijk zijn: landschapsbescherming
door behoud van de hoogstamboom, werkgelegenheid door oprichting van bedrijfjes
die het onderhoud verzorgen van de boom gaarden, milieuvriendelijkheid en .ge
zondheid door biologische teelt, en aantrekkingskracht voor toerisme en recreatie.
"We gaan fietsroutes langs de hoogstamboomgaarden uitzetten." Veertig
particulieren, allemaal bezitters van hoogstamboomgaardjes van Gorinchem tot Nijmegen,
hebben zich al aangesloten bij het project, Vaak mensen die een boomgaardje hebben
geërfd, en bij god niet weten wat ze ermee aan moeten, zegt Karel. Een Hoogstamfruitboom
is namelijk een heel aparte boom. Alleen het snoeien al vergt een deskundigheid
die bijna niemand meer heeft. "Nog een handjevol mensen van boven de tachtig beheerst
de techniek", vult Ria aan. Ze kennen drie hoogbejaarde broers in de buurt, van
wie de jongste van 86 tot vorig jaar persoonlijk in de eigen hoogstambomen klom
voor het vereiste snoeiwerk. De kennis van dergelijke inwoners van de regio wordt
nu overgedragen op de mensen die voor de stichting werken. "We willen geen goed
bedoeld hobbyisme bedrijven", onderstreept Karel. "Alles moet vakwerk zijn. Net
zo goed als we zakelijk verstandig willen opereren." |
Twee eenmansbedrijfjes draaien nu al - eentje wordt gerund door zoon Stefan Beckers
- het derde is in oprichting. Want behalve handfruit levert de hoogstamfruitboom
ook verwerkingsfruit voor sappen, stropen en jams.
De afzet loopt, anderhalfjaar na de start van het project, als een trein. Ria:
Af en toe begin ik me al zorgen te maken of we straks wel genoeg sap en stroop
zullen hebben. Karel: "We hebben nog niet eens een echte marketing op poten
gezet. Daar gaan we nu aan werken. Het succes heeft ongetwijfeld te maken met
de trend dat veel consumenten zich bewuster worden van de meerwaarde van biologisch
geteelde groenten en fruit."
En de professionalisering van de branche helpt ook mee. De eerste generatie onbespoten
groenwinkels, waar de geur van geitenwollen sokken je tegemoet walmde en liefdewerk
oud papier het motto leek, is opgevolgd door zakelijk opgezette neringen. En ook
in het reguliere circuit wint het biologische product snel terrein. Supermarkten
ruimen er steeds meer plaats voor in. Ria Beckers herinnert zich hardop hoe ze
nog maar drie jaar geleden op de directieverdieping van het Ahold-concern in Zaandam
een vurig pleidooi afstak voor een biologisch voedselpakket in het schap van de
grootgrutter. Met een grijns: "We hebben gepraat als Brugman, maar het was
No No No. En nu zijn ze om. Daarmee is tevens gezegd dat het succes niet vanzelf
komt, maar bevochten moet worden."
Ook bij ODIN, een
snel groeiende groothandel in biologisch voedsel en uitvinder van het biologische
groenteabonnement (wekelijks krijgt de abonnee een pakket groenten thuisbezorgd),
hebben Karel en Ria zich drie slagen in de rondte moeten praten om hun fruit daar
af te zetten. Odin ligt overigens handig dicht bij, in het buurdorp Geldermalsen.
Ria Beckers gelooft heilig in de opmars van het biologische product. Ook op vleesgebied,
na rampen met varkenspest en gekke koeien-ziekte. En natuurlijk kan ze het niet
laten kritiek te uiten op de bijna fabrieksmatige wijze van telen die in de moderne
fruitteelt gemeengoed is, en op de milieuvervuiling die deze sector veroorzaakt
tengevolge van chemische bestrijdingsmiddelen. Maar tegelijkertijd heeft ze compassie
voor de positie waarin boeren en fruittelers zich hebben gemanoeuvreerd: allemaal
zitten ze verstrikt in de spiraal van meer produceren, meer investeren enzovoort.
De moderne boer is een knecht, zegt Karel. Voor het overige wegen hij en Ria hun
woorden: levend in het land van Flipje willen ze op de eerste plaats een goede
buur zijn, en niemand op de tenen gaan staan, zeker niet de moderne fruittelers.
Trouwens, het kan wel alleen nieuwsgierigheid zijn, maar ze komen langzaam aan
wél kijken wat hier gebeurt, zegt Ria.
Nog niets aan felheid
heeft ze ingeboet sinds ze zich uit het politieke bedrijf terugtrok, en evenmin
aan energie om zich te wijden aan milieuzaken. Maar dat is ook jouw schuld, zegt
ze met een lach naar haar man, Ik wilde na mijn vertrek uit de Kamer eerst eens
drie maanden uitrusten, maar jij hebt me meteen richting biologische landbouw
geduwd. Haar laatste vakantie ging helemaal op aan het administreren en registreren
van al het fruit dat uit alle windstreken werd aangevoerd. Geen simpele klus,
want het betreft veertig verschillende rassen die in allerlei verschillende hoeveelheden
worden aangevoerd. Karel houdt de verkoop in eigen hand, omdat hij precies wil
weten waar iets terechtkomt. Vorig seizoen heeft hij 100 ton fruit verkocht. Het
leukst van het geheel vindt hij echter het redden en weer rendabel maken van verwaarloosde
boomgaarden - die overigens altijd van de eigenaren blijven. Hij stapt in de auto
en gaat voor naar een nabije bongerd, die hij eigenhandig van de sloop heeft gered.
Genietend loopt hij onder de monumenten van bomen door, sommige nog ver voor de
oorlog geplant. Zes jaar lang is deze boomgaard verwaarloosd. Hak die meut toch
om, zei een oude boer. En nu de boomgaard letterlijk opbloeit en rendement oplevert
zijn de eigenaren apentrots. |