| Van
onze verslaggever Koos Bijlsma
NIEHOVE - Een combinatie
van flinke nachtvorst in de afgelopen winter én relatief lage temperaturen
in het voorjaar is er de oorzaak van dat de Nederlandse oogst van appelen en peren
dit jaar lager uitvalt dan in 1996. Fruitteler Jan van Woudenberg, die een bedrijf
runt in het Groninger Niehove -hij is voorzitter van de kring Noord van de Nederlandse
Fruitteelt Organisatie (NFO) - verwacht dat de oogst van telers in het Noorden
20 tot 30% lager zal zijn ten opzichte van vorig jaar. Volgens hem is dit het
beeld dat in heel Europa voorkomt.
Regionaal zijn er wel verschillen. Met name in Friesland -in de omgeving van St.
Annapa-rochie en St. Jacobaparochie-, Zeeland, Brabant en Limburg zitten de telers
met de laagste oogst. Er zitten telers bij die blijven steken bij een oogst van
30% ten opzichte van vorig jaar. Behalve de weersfactoren speelt volgens Van Woudenberg
ook een rol dat vorig jaar sprake was van een forse oogst. "Door de zware
oogst van vorig jaar ontwikkelen de bloesemknoppen zich minder sterk. De bomen
zijn als het ware uitgeput en alle reserves zijn opgebruikt." Deze ontwikkeling
komt de kwaliteit van de vrucht evenwel ten goede. "De kleur en de smaak
van de appels en peren die straks op de markt komen, zijn heel goed", verzekert
hij op voorhand. Als de consument als gevolg hiervan meer appels en peren gaat
eten, komt dat de prijs voor het product ten goede. Mogelijk dat de schade voor
|
de telers op deze manier nog enigszins
kan worden gecompenseerd, hoopt Van Woudenberg. De eventuele hogere prijs blijft
overigens binnen de perken. "Als de consument een stuiver meer moet neertellen
voor een appel, zijn wij als producenten al heel tevreden."
Drenthe kent nauwelijks professionele telers van appels en peren. In de provincie
Groningen zitten er telers in de regio Slochteren, waar akkerbouwers enkele jaren
geleden hiermee zijn begonnen als ' tweede tak'. In Noordwest-Groningen zijn de
telers te vinden langs de kustlijn in met name Leek, Saaksum-Saaxumhuizen, Zuurdijk,
Kommerzijl en Niehove. Gemiddeld is de nachtvorst eens in de tien jaar dusdanig
dat fruittelers hierdoor in de problemen komen. De meeste telers in Groningen
hebben geïnvesteerd in bere-gingsinstallaties om zich tegen de ergste schade
in te dekken, zegt Van Woudenberg.
Zelf heeft hij de pompen in de laatste winter driemaal tevoorschijn moeten halen
tegen tweemaal in. 1991. Gigantische hoeveelheden water worden dan opgepompt.
"Er is een nacht bij geweest dat we bij ons in de boomgaard zeven miljoen
liter water hebben beregend." Van Woudenberg legt uit dat door beregening
een beschermende ij slaag om de vrucht heen wordt gevormd. Bij het stollingsproces
van water naar ijs komt warmte vrij, wat de vrucht ten goede komt." Met name
bij de zware nachtvorst van 1991 heeft de beregening uitstekend gewerkt. "We
hebben destijds de hele oogst hierdoor boven water getild." |