Om eerlijk
te zijn, wij vinden meer rassen dan wij kunnen determineren. Bij het herkennen
van deze rassen hebben wij de hulp nodig van oude pomologische boekwerken en van
deze heb je eigenlijk altijd te kort, omdat er helemaal geen volledige is en de
goede vrijwel onbetaalbaar zijn. Wel hebben wij soms geluk doordat b.v. een ouder
iemand aan een ras een plaatselijke naam geeft en wij door die naam toch op het
spoor komen van de officiele naam die wij in de boeken terug kunnen vinden. Zo
zijn er het afgelopen jaar weer tientallen rassen "boven water” gekomen.
Allen te noemen gaat hier te ver, maar namen willen wij wel spuien.
Tynaarloo, het oude pruimenras Washington.
Niebert, de vroegste appel Laxton Early Crimson.
Kropswolde, Lady Sudenly.
Uithuizen, de late peer Olivier de Serres.
Schonebeek, de “Wiensuren” zijn officieel Inch Peach
Dan nog maar een kleine greep, Citroenappel (boek uit 1805), Klokkenpeer. Cox
Pomona, Saubers Reinet en Harberts Reinet, bedenk dan wel dat dit maar 2 Reinettenrassen
zijn van de wel 100 stuks die in de boeken voorkomen. Ons geacht lid de hr. Jan
Woltema had eigenlijk allang in de gaten dat er vele verschillen waren in de Reinettenwereld.
Hij wil zich hierin nu verdiepen. Veel succes Jan.
Cor Couvert.
|