Dick Pellikaan,
biologisch-dynamisch fruitteler in Dronten pakt de kankerbestrijding als volgt
aan:
In de herfst begin ik met
driemaal een bespuiting met boompap. Het is belangnjk dat deze niet teveel zand
bevat, anders kost het je pomp. De boompap wordt door de hele boom heen gespoten.
Eén van de eerste dingen die ik na de pluk doe, is het grof weg uitsnijden van
de kanker. In de oude bomen gebeurt dit met een motorzaag. Alle takken die erg
aangetast zijn gaan eruit. Andere wonden worden een klein beetje opengekrabd en
dan doe ik er vruchtboomcarbolineum op. Dat gaat er puur op. Het doodt de kanker
in het hout niet, maar gaat de sporulatie wel tegen. Het is in die periode belangrijk
dat je zo weinig mogelijk sporen in je boomgaard hebt. Vruchtboomcarbolineum is
in water oplosbaar en het werkt ook als het vochtig is. Het voordeel ervan is
dat het de insekten daaronder ook nog doodt, zoals de appelglasvlinder. Het ook
wel gebruikte kopernaftanaat (8%) werkt alleen als het goed droog weer is.
Tijdens de snoei worden
alle kankerplekken weggesnoeid. Het aangetaste hout verzameI en verbrand ik. Op
jonge percelen werk ik sekuurder. Ik gebruik dan een paardehoefkrabber en een
holle vijl om de kankerwond uit te halen. Als een jonge boom rwee of drie kankerplekken
heeft haal ik de hele boom eruit en plant er een nieuwe voor in de plaats. Na
het derde jaar kan je de wonden met vruchtboomcarbolineum insmeren, voor die tijd
met Dendrosan. In het voorjaar loop ik alle wonden nog eens na en snijd ze heel
erg netjes uit. De wonden overgroeien dan vrij snel. Als wondeafdekmiddel gebruik
ik nu Dendrosan.
In het voorjaar snoei ik
de topkanker uit de bomen. Bij de zomersnoei van jonge bomen laat ik een stompje
zitten. Dat wordt in de winter verder afgesnoeid. De keuze van boomkweker is heel
belangrijk en kankergevoelige rassen moet je mijden. De laatste twee jaar voor
het rooien wordt er niets meer gedaan aan de kanker. Dit is te duur en kost te
veel tijd. Ik besteed dan liever die aandacht aan de jonge bomen. Verder strooi
ik een mengsel van een oesterzwamkwekerij hier uit de buurt onder de bomen. Daarin
zitten allerlei kankerbestrijdende schimmels waaronder een Trichoderma-soort.
Volgens onderzoek zitten na een halfjaar dezelfde schimmels op nagenoeg alle kankerwonden.
Een heel goede ontwikkeling
vind ik de nieuwe methode met vrije spillen. Aan deze bomen wordt weinig gesnoeid,
de takken worden gebogen. Je krijgt zo een gezondere opkweek omdat er weinig snoeiwonden
zijn. |