Peren.

"En dit zijn de kostbaarheden van deze aarde: een snarenspel, een beker wijn, een dans van slankbenige meisjes, een gunst van de liefste en dan zwijgen, ja, een diep zwijgen.”
Hafis, de beroemde Perzische dichter uit de 14e eeuw, heeft bij de opsomming van de heerlijkheden der aarde de peren, die unieke, kostelijke vruchten, vergeten. Peren, die als geen andere vruchtsoort een overvloed aan verrukkelijke en fijnste smaaknuancen in zich verenigt, veel rijker, veel diverser en harmonieuzer dan de appel. Misschien zouden bij de vruchten van onze aarde ook de druiven genoemd moeten worden, omdat ook die ons doen denken aan die grote smaakskala’s, maar dan eigenlijk niet zozeer de druiven, dan wel de uit hen geperste wijn. En hoe verfrissend de verschillende citrusvruchten en een lekkere ananas ook mogen zijn, de basis van hun smaak wordt gevormd door zeer aromatische vruchtzuren met meer of minder suiker. Maar met het brede smaakspectrum van peren kunnen ze de vergelijking niet doorstaan. Welk een hoeveelheid aan zachte, niet opdringende, onbeschrijflijke aroma’s, welk een kwaliteit van het vruchtvlees, het sapgehalte, de fijne of krachtige voorkomende zuren, de lieflijke vruchtesuiker bevatten de diverse peresoorten.

De fijnproevers, de ware genieters van vruchten, hadden dat te allen tijde kunnen constateren. Zij genoten van peren als van edele wijn, met al hun zinnen. Wij moeten in ons haastige leven, waar de meeste mensen ook heerlijke vruchten onverschillig en afwezig naar binnen werken, weer leren aandacht hebben voor één vrucht om die als een geschenk van de natuur te consumeren. En juist peren kunnen ons daarbij helpen; niet alleen een ‘Doyenné du Comice’, ook een ‘Clapp’s Favourite’ bewust vol genot te consumeren behoort tot die kostbaarheden. Ze moeten ook dun, vliesdun geschild worden, opdat de belangrijke inhoudsstoffen, die vlak onder de schil in hoge concentraties voorkomen, niet verloren gaan. En zo, dun geschild, stoort de meestal vrij harde schil niet het volle genot van de vrucht.

In de oudheid wisten de Romeinen al dat er over smaak niet te twisten valt, maar de peren kennen een zo groot assortiment aan smaak dat er beslist voor "elck wat wils” bij is, van augustus tot maart komt ieder aan zijn trekken. Daar kan een nieuwe vorm van pereteelt uitstekend in voorzien. De oude landelijke manier van pereteelt op hoogstam gaf een rijke oogst van zomer- en herfstperen, waardoor ze de markt overstroomde en verstoorde. Iedereen had peren. Bomen met kleine vruchten werden niet meer leeggeplukt, maar van de grond opgeraapt en aan het vee gegeven. In Duitsland was er bovendien vrij veel aanplant van vruchtbomen langs landwegen, vooral in Saksen. Zelfs de fabrieken konden die enorme hoeveelheden niet verwerken, niet als peren op sap maar ook niet als gedroogde peren. Zeer strenge winters waardoor veel vruchtbomen verloren gingen, hadden toen een regulerende funktie.

Ook in particuliere tuinen en volkstuinen werden soorten geplant die aangeboden werden door de kwekers, meestal als hoogstam op zaailingen. Die grote bomen staan nog wel in oude tuinen. Hun grote kruin levert ieder jaar weer een grote oogst aan ‘Clapp’s Favourite’, 'Hertogin Elsa’, ' Beurré Hardy’, ' Princesse Marianne’ enz..

Ook de particulieren konden de vracht peren niet op, zelfs niet met behulp van hun familie. Ze verkochten de peren op de markt, waar ze al spoedig rijp, en daarna gauw beurs werden. De ervaring heeft geleerd dat het weinig zin heeft om voor eigen gebruik perebomen van slechts één soort te telen. Een nieuwe, voor particulieren werkelijk bevredigende manier om peren te telen is een boom met meerdere soorten op één stam. Op één pereboom, op zaailing of Kwee, wordt dan op de middentak en op de drie gesteltakken telkens een andere soort geënt. Twee van dergelijke bomen kunnen dan 8 soorten met verschillende rijpingstijden opleveren en ze nemen in een kleine tuin toch maar de ruimte in van 2 gewone struikbomen.

lees ook: Meersoortenbomen.

nieuwsbrief nr.8 1991
nieuwsbrief no.8,
blz. 4 - 7